Minder jongeren in justitiële jeugdinrichtingAdvocaten: “Geen onderzoek naar rol Otto bij liquidatie Van der Linde”Opname psychiatrisch ziekenhuis na brandstichtingOpa vrijgesproken van misbruikMogelijk reconstructie in zaak Lou Herst

Kinderbeschermingsmaatregelen

Om de ontwikkeling van een kind veilig te stellen, kan de kinderrechter een kinderbeschermingsmaatregel opleggen. De meest voorkomende en lichtste maatregel is de ondertoezichtstelling. De gezagsbeëindigende maatregel is een zwaardere maatregel.

Ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing

De kinderrechter kan een ondertoezichtstelling uitspreken, indien de kinderrechter van mening is dat een gezin hulp nodig heeft bij het opvoeden van het kind en vrijwillige hulpverlening niet meer voldoende is of ouders de hulp niet willen accepteren. In het geval een ondertoezichtstelling wordt uitgesproken, krijgt het kind een gezinsvoogd van een Gecertificeerde Instelling toegewezen. Deze gezinsvoogd helpt bij de opvoeding en begeleidt het kind en de ouders bij het oplossen van de opvoedingsproblemen. De ouders blijven wel zelf verantwoordelijk voor de opvoeding. Het verschil is dat iemand over de schouders van de ouders mee kijkt. Zowel ouders als kind zijn verplicht de aanwijzingen op te volgen die de gezinsvoogd geeft. In principe blijft het kind thuis wonen.

Indien de ondertoezichtstelling niet voldoende is, kan de kinderrechter besluiten het kind (tijdelijk) uit huis te plaatsen, bijvoorbeeld in een pleeggezin of een instelling.

Als een kind acuut gevaar loopt en snel uit huis geplaatst moet worden, kan de Raad voor de Kinderbescherming de kinderrechter verzoeken om een voorlopige ondertoezichtstelling met een machtiging uithuisplaatsing. Tijdens deze voorlopige ondertoezichtstelling zet de Raad voor de Kinderbescherming het onderzoek voort. Ouders en kind worden door de gezinsvoogd begeleid.

De maatregelen van ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing duren maximal één jaar en kunnen telkens met één jaar worden verlengd.

De kinderrechter neemt niet zomaar het besluit om een kinderbeschermingsmaatregel op te leggen. Voordat hij dat doet, wil hij wil ook de mening van de ouders horen. Dat gebeurt op een zitting. Onze advocaten kunnen u tijdens zo’n zitting bijstaan. Als het kind twaalf jaar of ouder is, vraagt de kinderrechter ook zijn mening. Regelmatig worden onze advocaten door de kinderrechter verzocht kinderen in zulke gevallen tijdens de zitting bij te staan. De kinderrechter maakt bij zijn beslissing gebruik van de informatie uit het rapport van de Raad voor de Kinderbescherming. Hij is niet verplicht om het verzoek toe te wijzen.

Gezagsbeëindigende maatregel

Indien ouders niet in staat zijn hun kind op te voeden en te verzorgen, kan de kinderrechter het gezag van ouders beëindigen. De kinderrechter bepaalt dan dat een ander voor bepaalde of onbepaalde tijd de voogdij over het kind krijgt. Meestal zal in zulke gevallen de voogdij door een Gecertificeerde Instelling worden uitgevoerd. Het kind wordt opgevoed in een pleeggezin of tehuis. De ouders hebben dan officieel niets meer over het kind te zeggen, maar de gezinsvoogd betrekt hen voor zover mogelijk en informeert hen over het kind.

Nieuws

Nominatie voor beste vrouwelijke strafrechtadvocaat Noord-Brabant 2017

#Strafrecht

Met trots kunnen wij zeggen dat Nicola van Vliet wederom dit jaar door journalisten en strafrechtadvocaten samen met twee anderen vrouwelijke strafrechtadvocaten is genomineerd voor beste vrouwelijke strafrechtadvocaat van Noord-Brabant (2017).   Beste Advocaat van Noord-Brabant 2017 Lees meer

Meer nieuws